Website under construction feedback appreciated at [email protected]
← Terug naar blog
azure

AZ-305 scenario-vragen: hoe je ze aanpakt zonder te raden

Yair Knijn · · 5 min lezen

AZ-305 heeft een andere dynamiek dan AZ-104. Bij AZ-104 weet je vaak of je het antwoord kent of niet. Bij AZ-305 ken je soms vier plausibele antwoorden tegelijk, en het examen vraagt om het beste antwoord voor die specifieke situatie. Raden helpt hier weinig: je hebt een aanpak nodig.

Wat de vragen eigenlijk testen

Microsoft test bij AZ-305 geen productkennis op zich. Ze testen of je een zakelijke situatie kunt vertalen naar een technische keuze. Dat betekent dat je altijd twee dingen tegelijk moet lezen: de technische context (welke services, welke beperkingen) en de zakelijke context (budget, compliance, bestaande contracten, gewenste SLA).

In de praktijk merk je dat vragen zelden één duidelijk “fout” antwoord hebben. Er zijn bijna altijd twee technisch correcte opties. De vraag is welke het beste past bij de beschreven situatie. Het woord “beste” staat er niet voor niks.

De aanpak voor standaard scenario-vragen

Bij een gewone meerkeuzevraag:

Stap 1: lees de laatste zin van de vraag eerst. Die bevat de kernvereiste. Vaak staat daar iets als “minimale kosten”, “geen code aanpassingen”, “maximale beschikbaarheid” of “voldoen aan GDPR.” Dat is het filter waarmee je door de antwoorden gaat.

Stap 2: elimineer op basis van het filter. Als de vereiste “minimale beheerlast” is, vallen alle oplossingen met zelfbeheerde VM’s af. Als de vereiste “geen publiek eindpunt” is, valt Service Endpoint af ten opzichte van Private Endpoint.

Stap 3: kies het meest specifieke antwoord. Microsoft neigt naar het antwoord dat exact aansluit op de vereiste, niet het antwoord dat ook wel zou werken maar meer zou kosten of meer configuratie vereist.

Voorbeeld: een klant wil zijn webapplicatie beschermen tegen OWASP Top 10-aanvallen. Je hebt keuze uit Azure Firewall, Application Gateway met WAF, Azure Front Door met WAF en Network Security Groups. Technisch kunnen meerdere opties Layer-7-verkeer filteren, maar de vraag noemt OWASP specifiek: dat is WAF-functionaliteit, dus de opties zonder WAF vallen af.

Case studies: een andere aanpak

Case studies zijn het zwaarste onderdeel van AZ-305. Je krijgt een beschrijving van een bedrijf: huidige staat, toekomstvisie, technische vereisten en soms ook expliciet genoemde beperkingen. Daarna volgen 4 tot 7 vragen over die situatie.

De fout die veel mensen maken: ze lezen de hele case studie grondig door voor ze een vraag lezen. Dat is te traag en je houdt de verkeerde dingen bij.

Betere aanpak:

  1. Scan de case studie op structuur: welke secties zijn er? Noteer (of onthoud) waar de constraints staan, waar de technische vereisten staan en waar de huidige architectuur beschreven wordt.
  2. Lees de eerste vraag.
  3. Ga terug naar de relevante sectie in de case studie. Lees die sectie nu pas grondig.
  4. Beantwoord de vraag, ga naar de volgende.

Je leest de case studie dus meerdere keren, maar altijd gericht. Dit scheelt tijd en vermindert ruis.

De meest voorkomende valkuilen

“Alles moet mee” valkuil. Een klant beschrijft een uitgebreide situatie. Je kiest een oplossing die alles dekt. Maar de vraag vraagt alleen naar het component dat het beschreven probleem oplost, niet naar de hele architectuur. Lees wat er gevraagd wordt.

Licentie- en kostenvalkuil. AZ-305 vraagt je regelmatig om te kiezen binnen een bestaand licentiemodel. Als de case studie zegt “de klant heeft geen Microsoft 365-licenties”, dan is een oplossing die afhankelijk is van Defender for Office 365 fout, ook als het technisch de beste keuze zou zijn.

Overengineering. Azure heeft voor bijna elk probleem een “premium” en een “basis” oplossing. Op het examen is de “meest beschikbare” oplossing niet altijd het juiste antwoord. Als de SLA-vereiste 99,9% is, hoef je geen Zone-Redundant Storage te kiezen als Locally Redundant Storage de drempel al haalt.

Hoe je oefent

De meest effectieve manier om designvragen te leren is niet meer oefenexamens maken, maar nadenken over waarom een antwoord fout is. Als je een oefenvraag verkeerd hebt, zoek dan de achterliggende reden op: welk principe miste je? Welke beperking had je over het hoofd gezien?

Nuttige oefensets specifiek voor dit patroon:

  • Microsoft Learn-assessments voor AZ-305 (gratis, rechtstreeks gelinkt aan examendoelen)
  • Case studies van MeasureUp of Whizlabs, niet zozeer voor de antwoorden maar voor de denkstructuur

Zorg ook dat je de vijf Azure Well-Architected Framework-pijlers van buiten kent: Reliability, Security, Cost Optimization, Operational Excellence, Performance Efficiency. Veel vragen zijn impliciet verankerd in een van deze pijlers. Als je weet welke pijler de vraag raakt, kies je sneller het juiste antwoord.

Wat je op examendag doet

Markeer vragen die je twijfelachtig vindt en ga door. Bij AZ-305 is het dodelijk om te lang bij een vraag te hangen. De case studies kosten meer tijd dan de losse vragen: reken op 5 tot 8 minuten per case study als geheel.

Je hebt 120 minuten voor 40 tot 60 vragen. Dat is comfortabel als je niet blijft hangen. De meeste mensen die zakken, zakken niet omdat ze de stof niet kennen, maar omdat ze de tijdsdruk niet goed beheren.

Bekijk onze AZ-305 trainingspagina voor een overzicht van beschikbare trainingen.

az-305 examen-prep azure-architect scenario-vragen cloud-design